‘Ruk naar rechts onwaarschijnlijk’
De afgelopen vier jaar is Groningen als een Havana op de Hondsrug door het leven gegaan. Een links college bestaande uit GroenLinks, Socialistische Partij en Partij van de Arbeid zwaaide de scepter over de stad. Nu, in het tijdperk van Geert Wilders, lijkt een ruk naar rechts onvermijdelijk.
Door Jeroen van Kleef
De basis voor een rechts Groningen bestaat eigenlijk niet. De intocht van studenten, de harde kern van de PvdA en de stevige basis van de SP zorgen ervoor dat een rechts Groningen onmogelijk is. Een minder links Groningen behoort wel tot de mogelijkheden. Met de wederopstanding van Trots op Nederland, de Partij voor de Vrijheid en de VVD is het druk op de rechtervleugel.
De vraag die dan moet worden gesteld is of de rechtse partijen elkaar beconcurreren om dezelfde kiezers of dat door de nieuwe rechtse partijen een eigen doelgroep wordt aangesproken. Trots op Nederland doet in Groningen niet mee en die laten we dan ook maar even voor wat het is. De PVV van Geert Wilders doet ook niet mee, maar een voormalig stagiair van Wilders doet wel mee aan de verkiezingen onder de naam ‘Partij Vrij Groningen‘. Ook de VVD doet in de stad mee, onder aanvoering van lijsttrekker Betty de Boer.
De twee partijen hebben het landelijk met elkaar aan de stok, maar lokaal lijkt dit juist minder logisch. De VVD scoort goed in de binnenstad, in Helpman en in de Schilderswijk. De PVV is juist heel sterk in Oosterhogebrug, Vinkhuizen en Hoogkerk. De overlap, in geografische zin, is dus minimaal. Onder de omstandigheden van de Europese verkiezingen van vorig jaar, zouden de PVG en VVD zonder veel problemen stemmen kunnen verzamelen zonder elkaar daarbij in de weg te zitten.
Maar voor de PVG is er een heel ander probleem. De partij is nieuw, niet door Geert Wilders opgezet en voert zijn campagne op een verkiezingsprogramma [pdf] dat amper drie a4′tjes kan vullen. Tegenover de meer traditionele (en landelijke) partijen die hun voorstellen expliciet en vaak tot in detail doen, stelt de PVG een aantal vage uitspraken over verloedering en ‘zorgwekkende demografische ontwikkeling’. Het is niet de concurrentie met de VVD die de PVG zal tegenwerken maar de politieke bloedarmoede die de partij zichzelf aandoet.
De link met de PVV werd, ondanks treffende gelijkenis in naam en logo, ontkend door de lijsttrekker van PVG Matthijs Jansen. In een eerder item van OOG Radio werd hij gevraagd naar zijn beweegredenen voor het vormen van de PVG en zijn stage bij de PVV (het fragment). Dit is ook meteen het grootste probleem voor de ploeg van Jansen. Hij is niet gelieerd aan, opereert zonder steun van en heeft geen toestemming van Geert Wilders. De partij heeft amper een programma en de kandidaten zijn onbekenden in de lokale politiek. De enige reden waarom de PVG succes zou kunnen hebben is nu juist de grote afwezige: PVV-leider Geert Wilders. Zonder hem is de partij overgeleverd aan de eigen vaardigheden van de kandidaten, en de grote vraag is of de partij wel kiezers kan vinden zonder het Haagse kopstuk als stemmentrekker.
De VVD lijkt niet veel te vrezen te hebben van de PVG, maar moet zich wel zorgen maken over de beroerde landelijke peilingen. Hoewel VVD-leider Mark Rutte zich steeds beter weet te handhaven in het debat, wordt hij regelmatig overschaduwd door het vuurwerk van Alexander Pechtold en Geert Wilders. De landelijke partij kan de lokale VVD ondersteunen maar als de VVD stemmen wil halen zal lijsttrekker Betty de Boer het toch moeten hebben van haar lokale standpunten. Vier jaar geleden zat de partij nog in het college en in het huidige klimaat is het niet ondenkbaar dat dit na de verkiezingen ook weer zo zal zijn.
Het probleem voor de VVD is dat de partij eigenlijk zelden boven zichzelf uitstijgt. Het is een solide partij met een redelijk vaste aanhang. De huidige landelijke peilingen voorspellen geen winst maar een gelijk zetelaantal voor de partij. De huidige vijf zetels zouden er dus ook vijf blijven. Maar als de ploeg van Betty de Boer in staat is om de lokale punten goed over het voetlicht te brengen kan de partij nog wel een extra zetel binnenslepen. Dit zal dan puur de verdienste zijn van de lokale partij, want de landelijke VVD doet het niet beter dan tijdens de verkiezingen van 2006.
De VVD kan voorzichtig eens een zaaltje gaan boeken voor de collegeonderhandelingen, niets is zeker in de politiek maar de voortekenen zijn gunstig. Natuurlijk hangt alles af van de Groningse kiezer, maar de VVD is met vijf zetels een serieuze onderhandelingspartner van de PvdA die waarschijnlijk de onderhandelingen mag gaan aanvoeren.
De PVG gaat voor drie รก vier zetels, aldus de lijsttrekker. Maar gezien de bloedarmoede waaronder de partij gebukt lijkt te gaan, is er nog veel werk aan de winkel voordat zelfs een enkele zetel zeker is. De partij zal hard moeten knokken en hopen op het succes van Geert Wilders mee te liften in de stad, zoals bij de Europese verkiezingen van vorig jaar. Maar zoals altijd geldt: in het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.



